
In het vorige artikel hebben wij u wat verteld over de bestemming van de kerkelijke bijdrage. Deze keer iets over de vrijwillige bijdrage zelf, die natuurlijk anders dan de foto suggereert via betaling per bank bij de kerk terecht komt dan via de collectezak. Maar de symbolische betekenis ervan is duidelijk.
Een overzicht
Voordat wij kerkelijke bijdragen kunnen uitgeven, moeten wij deze eerst ontvangen. U ziet hieronder een overzicht van de ontvangen bijdragen per wijk. Jammer genoeg zijn wij afhankelijk van externe partijen die de gegevens periodiek (maar voor ons vertraagd) aanleveren. In september moet de oktoberbijdrage voor het kerkblad worden ingeleverd. Op het moment van het schrijven van dit stukje beschikken wij over de cijfers tot en met juli 2010. Deze cijfers staan gerubriceerd per wijkgemeente in toegezegde en tot dan toe ontvangen bedragen. Tevens wordt informatiegegeven over het aantal betalende adressen met daarachter de gemiddelde bijdrage per betalend adres (elk betalend adres wordt BPE=Betalende Pastorale Eenheid genoemd). Dat overzicht vindt u op deze pagina. Wij zijn ons ervan bewust dat het aantal leden van de Handwegkerk/Dorpskerk enigszins wisselt; de wijkgrenzen zijn aangepast, maar in de ledenadministratie is dat nog niet helemaal verwerkt. De genoemde verdeling per wijkgemeente is naar ons idee een realistische inschatting. Daarnaast is het goed te melden dat de sluitingsdienst van de Bankraskerk plaatsvond op 13 juni 2010.
Wat zeggen de cijfers?
Wat zouden we van deze cijfers kunnen zeggen? Welke richting gaat de hoogte van de vrijwillige kerkelijke bijdrage uit?
Kort en bondig samengevat: over 2010 is € 650.000 aan bijdragen toegezegd, waarbij 1962 betalende adressen gemiddeld € 331 inbrengen (en dat is € 27,58 per maand). Door wat spontane betalingen hopen we dat de totale bijdrage voor 2010 uitkomt op € 670 000. Uit het overzicht valt ook op te maken dat toezeggingen per maand, per kwartaal, per halfjaar en per jaar worden overgemaakt. U ziet dat van de toezeggingen een bedrag van bijna € 180 000 nog moet worden ontvangen in de maanden augustus tot en met december. Om aan te geven hoe de ontwikkeling over de afgelopen 2 jaar is geweest: in 2008 rapporteerde het College € 761.000 (van 2121 BPE) in de jaarrekening en over 2009 was dit € 724.000 (van 1961 BPE). Een terugval van € 91.000 in twee jaar.
Personele en andere gevolgen
Uiteraard komen de inkomsten uit vrijwillige bijdragen in een geheel ander licht te staan als we kijken naar de opbrengst van de verkoop van de Bankraskerk; maar dat is een eenmalige bate voor 2010. Overige inkomsten genereren wij uit de verhuur van zalen en gebouwen. Deze inkomsten lopen echter ook terug, daar de vervreemding van kerkgebouwen leidt tot meer kerkelijke, dus niet commerciële, activiteiten in de overblijvende gebouwen.
Tenslotte
Als gevolg hiervan heeft het College het eigen bestand van betaalde medewerkers moeten saneren. Nu zijn wij driftig op zoek naar mogelijkheden om de overige kerkelijke uitgaven meer in lijn te brengen met de inkomsten. Hierover een volgende keer meer, met een financieel doorkijkje naar geschatte inkomsten/uitgaven richting 2020.
Namens het College van Kerkrentmeesters,
Jan W. Bossenbroek, voorzitter
Hans van Strien, penningmeester
