
In de novemberuitgave van Present schreven wij over de actie Kerkbalans 2011. Een directe relatie is toen gelegd tussen de opbrengst (oftewel een kentering ten opzichte van de afgelopen jaren) en onze wens niet aan de predikantsformatie te hoeven tornen. Hoewel de uitkomst van de actie Kerkbalans nog niet bekend is, heeft de Algemene Kerkenraad inmiddels besloten dat zorgvuldig zal worden gekeken naar de mogelijke en nodige predikantsformatie binnen onze kerkelijke gemeenschap. Dit als onderdeel van een groter financieel beleidsplan.
De aanleiding tot dit besluit is de wens vanuit het College om de werkbelasting voor de predikanten gelijk te verdelen en ook om toekomstige discussies over het aantal predikanten te vermijden. Het huidige aantal predikantsformatieplaatsen binnen Amstelveen-Buitenveldert bedraagt thans 5.2.
Hoewel over het aantal plaatsen uitgebreid is nagedacht en gediscussieerd, blijkt de realiteit toch weerbarstig te zijn en is de onderbouwing van dit getal matig. Dit valt te illustreren aan het aantal Betalende Pastorale Eenheden (BPE) per wijkgemeente (betalende adressen) ten opzichte van de predikantsformatie. Dit plaatje zag er over 2010 ongeveer als volgt uit (formatieplaats versus BPE, tussen haakjes het getal bij een volledige bezetting):
Paaskerk 1.0 / 468 (468); Handwegkerk 0.8 / 291 (364); Dorpskerk 0.8 / 180 (225); Kruiskerk 1.0 / 426 (426); Bankraskerk 0.6 / 312 (520); Pelgrimskerk 0.8 / 316 (395).
Per wijkgemeente bestaat er een groot verschil tussen het aantal betalende adressen per predikant. In samenwerking met het Ministerie van Predikanten zal een voorstel voor de Algemene Kerkenraad worden opgesteld om de werkdruk evenredig te verdelen. Hierbij moet ook worden gedacht aan de tijd die predikanten besteden aan de eredienst, pastoraat, catechese, vorming en toerusting, studie en het onvermijdelijke vergadercircuit. Voor dit al is bij een volledige werktijd jaarlijks 1840 uur beschikbaar, exclusief de vakantieperiode.
Essentieel is wat dit betreft het antwoord op de vraag wat wij in Amstelveen/Buitenveldert van een predikant verwachten. Tot de kerntaken van de predikant behoren het voorgaan in de diensten en het pastoraat. Daartoe is hij/zij opgeleid. Wat betekent dit echter in een veranderende samenleving en kerk? Waar is de expertise van de predikant gewenst, en welke taken kunnen ook door anderen verricht worden? Zo is het vanzelfsprekend dat een predikant aanwezig is in pastorale noodsituaties. Maar wat betekent dit voor het dagelijkse pastoraat, het omzien naar elkaar? En wat is hierin de verantwoordelijkheid van gemeenteleden zelf?
Een (tover)formule vinden wordt een lastige klus, waarbij wellicht ook de wijkgrenzen zullen vervagen. Een predikant die relatief veel tijd besteed aan bestuurlijke taken, gemeenteopbouw of vorming en toerusting heeft minder tijd beschikbaar voor het pastoraat. Dan zal vanuit de overige wijken eventueel ondersteuning kunnen worden verleend om het pastoraat op niveau te houden. Dit geldt ook voor een situatie waarbij predikanten (tijdelijk) worden geconfronteerd met een groot aantal uitvaarten. In zowel Noord als Zuid vinden momenteel grote veranderingen plaats. Wijkgemeentes moeten door kerksluitingen en fusies naar een nieuwe situatie worden begeleid. Wat dit betekent voor de inzet van beroepskrachten en in hoeverre deze activiteiten mee moeten wegen in de formatiebepaling is ook onderwerp van gesprek.
Voldoende stof tot overdenken dus. Het goede nieuws is dat wij binnenkort geen vacatures meer kennen en de tijd beschikbaar is om een grondige afweging en een berekening te maken.
Jan Bossenbroek, voorzitter College van Kerkrentmeesters
